De laatste les gaan we gutsen. De leerlingen hebben nu een aantal lessen gehad met informatie over pop art en zijn in het museum geweest. Eerst herhalen we nog even wat theorie en daarna gaan we gutsen.
Korte beschrijving lesactiviteit
De leerlingen trekken hun gezichtscontour over met behulp van een projector, dit doen de leerlingen in tweetallen. Als ze hun gezichtscontour hebben overgetrokken knippen ze deze uit. Dan trekken ze hem over op kurk tapijt. Als de leerlingen dit gedaan hebben kunnen ze beginnen met gutsen, ze gutsen de lijnen van de contouren van het gezicht eventueel kunnen ze ook nog details aanbrengen in het gezicht met de guts. Hierna kunnen de leerlingen de gegutste werken verven en afdrukken op een papier.
Materiaal
- projector
- witte muur
- wit A4 papier
- zwarte stiften
- kurk tapijt
- gutsen
- scharen
- verf
Lesfasenmodel
Lesfasenmodel
Het lesfasenmodel vormt de structuur van een les beeldende vorming.
Voorbereiding
|
Context
|
Belevingswereld
De leerlingen hebben een heel project gehad over de pop art, het zit dus in hun belevingswereld.
|
Basisplan
|
Opdracht en randvoorwaarden
De leerlingen leren de techniek van het gutsen op kurktapijt door hun eigen gezichtscontouren via een projector over te trekken en te gutsen.
| |
Doelen
|
Beeldend doel:
De leerlingen gutsen de omtrek van hun gezicht in kurktapijt.
Technisch doel:
De leerlingen leren de techniek van gutsen.
| |
Receptie
/Oriƫntatie |
Introduceren
|
Beeldcultuur
De leerlingen hebben in de vorige lessen theorie gehad over de pop art en over Andy Warhol, ze zijn ook in een museum geweest. Deze informatie herhalen we kort.
|
Instrueren
|
Beeldend Probleem
Zorgen dat de leerlingen een duidelijk contour kunnen gutsen.
| |
Productie
/Uitvoering |
Observeren
| |
Begeleiden
|
Werkprocessen
- de leerlingen trekken gezichtscontour over met behulp van een projector
- Overtrekken van gezichtscontour over op kurktapijt
- Het uitgutsen van de lijnen van het gezichtscontour
- Verven kurktapijt en afdrukken op papier
| |
Afronden
| ||
Reflectie
/Nabeschouwing |
Nabespreken
|
Reflecteren
We bekijken alle werken. Ook kijken we hoe het eruit ziet als je het afdrukt op een papier met verf.
We bespreken wat de overeenkomsten zijn met de pop art, waarom heeft dit met pop art te maken? Daarna geven we de gutsen een mooie plek in de klas.
|
Beoordelen
|
Beoordelingscriteria (matrix)
|
Beoordelingsmatrix
|
Onvoldoende
|
Voldoende
|
Goed
|
Overtrekken met behulp van projector.
|
Overtrekken is slordig gedaan, veel haperingen.
(0 punt)
|
Te snel overgetrokken, hier en daar een hapering.
(2 punten)
|
Netjes overgetrokken, je ziet goed wie het is.
(3 punten)
|
Gutsen
|
Leerling heeft techniek van gutsen niet begrepen.
(0 punt)
|
Leerling heeft het gutsen bijna onder de knie, hier en daar nog een foutje.
(2 punten)
|
Leerling heeft techniek van gutsen begrepen, het geheel ziet er netjes uit.
(3 punten)
|
Cijfer
|
3 pnt = 2
|
9 pnt = 6
|
14 pnt = 10
|
Lesvoorbereiding
STUDENT Maaike van der Voort PABOKLAS
PLV2C
STAGEBEGELEIDER
Marjon Heintjes
|
STAGEGROEP 1-2A
LESACTIVITEIT Beeldende vorming
|
STAGESCHOOL De Klarinet
MENTOR
|
DATUM
LESDUUR 105 minuten
|
STARTPUNT
VAN VOORBEREIDING
|
|
BEGINSITUATIE
|
De
leerlingen kunnen 5 kenmerken van popart opnoemen.
De
leerlingen weten welke kunstenaars er bij de kunststroming pop art horen.
|
LESDOEL(EN)
|
De
leerlingen door middel van een museum bezoek enthousiast maken over Pop art.
De leerlingen kunnen de kenmerken van pop art terug zien in het museum. |
EIGEN LEER-
DOEL(EN)
|
Overzicht
houden over de groep in het museum
|
FASE
|
LEERACTIVITEIT
|
DID. WERKVORMEN
|
MATERIALEN
|
ORIENTATIE /
OPENING
tijdsduur:
5 minuten
|
De
leerkracht vraagt de leerlingen wat ze de vorige les gedaan hebben. De
leerkracht vraagt de leerlingen drie kenmerken en 3 bekende personen te
benoemen van Pop art. De leerkracht vertelt de leerlingen dat ze naar een Pop
art museum gaan in Nijmegen. De leerkracht vertelt dat ze met de trein gaan.
|
Instructievorm
|
Geen
materiaal
|
UITVOERING/
KERN
tijdsduur:
90 minuten
|
De
leerkracht vertelt de kinderen de regels voor het museum:
- ze mogen geen lawaai maken - mobiele telefoons zijn niet toegestaan - rekening houden met andere mensen in het museum
Vervolgens
vertelt de leerkracht de kinderen dat ze tijdens het museum bezoek een
vragenlijst krijgen die ze moeten invullen. De vragenlijst bevat de volgende
vragen:
1. Welke kenmerken zie je terug van pop art? 2. Welke kleuren worden vaak gebruikt? 3. Welke vormen zie je vaak terug? 4. Geef de naam voor drie kunstwerk van Andy Warhol 5. Geef de naam voor drie kunstwerken van Roy Lichtenstein 6. Geef bij alle 6 de kunstwerken aan waarom je denkt dat dit kunstwerk gemaakt is. 7. Geef de naam voor het kunstwerk die jij het mooiste vind en omschrijf waarom. |
Opdrachtvorm
|
-
Pen
-
Papier
-
Vragenlijst
-
Toegangskaartje
-
|
AFSLUITING
tijdsduur:
10 minuten
|
Als
de klas weer terug is uit het museum. Vraagt de leerkracht wat ze van het
museum vonden en wat ze geleerd hebben. Verder pikt de leerkracht een aantal
kinderen eruit om zijn of haar bevindingen met de klas te delen. Bij de namen
van de kunstwerken zoekt de leerkracht de afbeelding zodat de kinderen weten
om welk kunstwerk het gaat.
|
Interactievorm
|
-
Computer
-
Digibord
-
Beamer
-
Lijstje met de
bevindingen
|
Geen opmerkingen:
Een reactie posten